Categorie archief: Mind

Mag ik uw aandacht?

Deze column verscheen in de juli-editie van het blad ‘Logopedie’ van de Nederlandse Vereniging voor Logopedie en Foniatrie. 

Op een zonnige zaterdag in de herfst van 2011 zocht ik ontspanning in een tijd waarin ik als logopedist in een dip zat. Met de beste intenties ging ik op pad en trok het felgekleurde bos in. Ik dwong mezelf ernaar te kijken, want ik ‘moest’ immers toch kunnen genieten van dit herfsttafereel? Het lukte me voor geen meter en ik was teleurgesteld in mezelf. In plaats van te ontspannen, liep de spanning alleen maar verder op. Na verloop van tijd erkende ik simpelweg dat genieten even niet in mijn emotie-pakket zat. Ik schopte gefrustreerd tegen de bladeren op de grond en plofte boos op een bankje neer om een potje te mokken. Ineens hoorde ik iets bewegen in de bomen voor me. Ik werd nieuwsgierig, keek omhoog en zag een eekhoorntje van de ene tak naar de andere springen. Een glimlach verscheen op mijn gezicht. Verder kijkend bleek het hele stuk bos in mijn blikveld gevuld te zijn met spelende, springende en verzamelende eekhoorns. De tranen rolden over mijn wangen. Er kwam een zucht van verlichting en ik voelde me ontspannen.

Dat dit een mooi metafoor voor mindfulness is, wist ik toen nog niet. In die tijd zag de binnenkant van mijn hoofd er tijdens werkdagen ongeveer zo uit: “bij de vorige behandeling had ik beter……. de volgende behandeling komt die lastige cliënte…. ik moet nog zóveel mails bijwerken…..wat moet ik ook alweer in de supermarkt halen? brood, kaas, fruit, yoghurt…. Han, doe normaal! Even concentreren!” Niet vreemd dat ik hierdoor zonder energie zat.

Tegenwoordig merk ik dat ik een hoop energie overhoud, aardiger voor mezelf ben, mijn grenzen aanvoel en meer geniet van dingen die zich aandienen. Ik heb geleerd met meer aandacht in mijn leven en werk te staan. Aandacht is, denk ik, een belangrijk ingrediënt voor een goede behandeling. Je kunt je immers maar op één plek tegelijk bevinden en het is van belang dat je zo goed mogelijk signalen van de cliënt oppakt om hierop in te kunnen spelen. Vaak krijg ik terug dat het fijn is dat ik zonder oordeel luister, hun tempo volg en rust uitstraal. Dit heeft natuurlijk een positief effect op de cliënt, die wel wat vriendelijke aandacht kan gebruiken op het moment dat ze met de dagelijkse stress de logopedische behandelkamer binnenkomen.

Jon Kabat-Zinn, grondlegger van mindfulness, zag dat een groot deel van de energie verdween door het niet-willen van pijn en het gevecht hiertegen. Hij werkte in de jaren 70 in een ziekenhuis en zag dat mensen met chronische pijn te horen kregen ‘dat ze ermee moesten leren leven’. Niemand vertelde hen echter hoe.  Met vechten tegen de pijn heb je dus een dubbel probleem: de pijn en het vechten ertegen. Bovendien is de kans aanwezig dat de pijn erger wordt door het vechten.

Al toen ik met mindfulness in aanraking kwam, merkte ik dat ik deze inzichten wilde delen. Een aantal jaren en een opleiding later, ligt mijn cursus ‘MINDFULNESS voor logopedisten’ klaar voor de start in september. Logopedisten zijn multitalenten en multitaskers. We zien veel cliënten, iedereen vraagt wat van ons en we willen het ook nog eens goed doen. Ik zie hoe collega’s worstelen met de eisen die gesteld worden van buitenaf. Het verliezen van aandacht en energie ligt dus op de loer. Toen ik laatst flink in de werkstress zat (ook na vijf jaar mindfulness ben je heus niet verlicht), besloot ik een ommetje te maken. Weer met goede intenties, maar dit keer dwong ik mezelf nergens toe. Ik merkte dat ik ontspannen raakte. Precies op dat moment zag ik een eekhoorn springen.

Lees hier de column in PDF: Mag ik uw aandacht? 

eekhoorn

Advertenties

Mijn idool

Deze column verscheen in het blad ‘Logopedie’ van de Nederlandse Vereniging voor Logopedie en Foniatrie. 

”Moeten we niet gewoon in een supermarkt gaan werken?” vroeg een vriendin en collega-logopedist aan me. Ik moest lachen, want ook bij mij komt deze gedachte zo nu en dan stiekem in me op. Vorige week zat ik na een zware werkdag met haar aan de telefoon. Heerlijk om samen lastige zaken door te spreken.

Ik weet nog dat ik, toen ik haar leerde kennen, een beetje tegen haar opkeek. Zij had net de stappen gezet die ik eigenlijk ook wel wilde zetten, maar nog niet durfde. Sinds we beiden onze eigen praktijk gestart zijn voeren we regelmatig dit soort gesprekken en het tegen haar opkijken is in de loop der tijd verdwenen. Toch betekent dit niet dat ik haar nu een fractie minder bewonder.

Deze gedachtegang bracht mij bij het woord ‘idool’. Ik zocht het woord op en vond verschillende definities waarvan ik er ter illustratie een aantal opsom: “aanbedene, voorbeeld, afgodsbeeld, persoon waar men tegenop kijkt, ideaal, ster, sportheld, persoon die bewonderd wordt”. Veel wijzer werd ik er niet van en het bracht me juist in de war. Want is ‘aanbidden’ of ‘tegen iemand opkijken’ niet iets heel anders dan ‘iemand bewonderen’?

Eigenlijk is tegen iemand opkijken sowieso een raar verschijnsel. Voor het bewonderen van iemand is het echt niet nodig om tegen hem of haar op te kijken. Zo’n gevoel betekent dat je je vergelijkt met de ander en dat die persoon bijvoorbeeld eigenschappen heeft die je zelf ook zou willen bezitten. Terugkomend bij de verschillende definities van het woord ‘idool’ is voor mij een idool iemand die je bewondert of als voorbeeld ziet. En nu betekent ‘voorbeeld’ niet meteen dat je het nadoet, maar uiteraard kan diegene je wel inspireren.

Een groot voorbeeld voor mij is Clasien. Clasien is een vrouw van rond de zeventig. Ze heeft negen keer per week een groep van gemiddeld tien mensen bij haar thuis om samen te mediteren. Een paar jaar geleden kwam ik voor het eerst bij haar en sindsdien kom ik graag. Soms één keer per week en soms een paar maanden niet. Op de vraag die ze vaak gesteld krijgt of het niet zwaar is om steeds zoveel mensen thuis te hebben, antwoordt ze: “Ik ga toch wel een uur in stilte zitten, dus dan kan ik net zo goed mensen over de vloer hebben. Bovendien is het met jullie niet hetzelfde als alleen.” Ze vraagt me iedere keer “Hanneke, wil jij een glaasje water?” Zo spreekt ze iedereen met evenveel aandacht in de pauze aan. Ik bewonder het geheugen van Clasien. Ze weet bijvoorbeeld altijd van iedereen wie wanneer met vakantie is, hoe het met hun relatie of werk gaat, op welke plek je het liefst mediteert of andere kleine dingen. Een van de belangrijkste dingen die ze aan mensen leert is om jezelf een knuffel te geven. Clasien ziet overal moois in en ze laat jou overal moois in zien. Ze maakt kopieën wanneer ze een mooi gedicht of een interessant artikel heeft gelezen en deelt deze uit. Ze maakt dan het liefst zoveel mogelijk kopietjes op één A4-tje om niks te verspillen. Die kopietjes belanden dan weer bij mij op mijn prikbord. Ik zie deze dagelijks hangen en word steeds weer door een andere tekst geïnspireerd.

Clasien als voorbeeld, mijn idool. Regelmatig hoor ik mezelf tijdens mijn werk uitspraken herhalen die ik ooit van haar heb gehoord en dan denk ik ook weer even aan haar. Toch is ze voor mij absoluut geen afgodsbeeld of goeroe. Het is gewoon Clasien. Ik kijk niet tegen haar op, maar, oh, wat bewonder ik haar en wat zou ik graag een paar eigenschappen van haar willen bezitten.

Klik hier om het artikel in pdf te lezen: Column ‘mijn idool’ van Hanneke Bax

mijn idool hanneke bax

Een leven lang leren!

Deze column verscheen in het blad ‘Logopedie’ van de Nederlandse Vereniging voor Logopedie en Foniatrie. 

In de trein hoorde ik een man van een jaar of dertig aan zijn collega vertellen dat hij de volgende dag niet op het werk zou komen omdat hij naar een bijscholingscursus moest. Hij trok er een overduidelijk zuur gezicht bij en vertelde er ook nog eens bij dat hij nog nooit een werkgerelateerde cursus had gevolgd en zéker wist dat het niks voor hem zou zijn. Als primaire reactie verslikte ik me in mijn net ingenomen slok water. Geen zin in bijscholing? Hoe is dit mogelijk? Dat zijn mijn favoriete dagen!

Soms hoor ik ook logopedisten klagen over de ´enorme´ hoeveelheid te behalen punten voor het KP  en wanneer je een ´puntenoverschot´ hebt, je deze niet mee kunt nemen naar de volgende periode.  Ik verbaas me daar stiekem altijd over. Ik zou mijn werk waarschijnlijk niet volhouden zonder verbreding, verdieping en verfrissing van mijn vak! Tijdens mijn herregistratie zat ik zonder moeite-of-moeten op minstens het dubbele van het minimaal te behalen aantal punten en had nog wel tientallen cursussen meer willen doen. Al schrijvende realiseer ik me dat ik misschien lijd aan een never-ending nieuwsgierigheid en dat ik me uiteraard ook moet bedenken dat niet iedereen hetzelfde is.

Leermogelijkheden zitten uiteraard niet alleen in cursussen; ze zijn overal wel te vinden. Deze maanden staan voor mij in het teken van het geven van een aantal lezingen en workshops op conferenties. Hoewel ik uiteraard zelf degene met kennis ben die voor een groep spreekt, duik ik altijd weer in het onderwerp en stem ik af op de voorkennis van de nieuwe groep. Ik leer daardoor zelf ook juist door iets aan anderen te leren. Ik bedacht me nog een paar voorbeelden van manieren hoe ik leer: lezen, mensen observeren in de trein,  met collega´s informatie uitwisselen, TED Talks bekijken, fouten durven maken (van fouten kun je…. leren!),  mediteren, conferenties bijwonen en uiteraard van columns schrijven.

Eén manier die ik graag nog wil toelichten is het begeleiden van een stagiaire. Vorig jaar zomer braken er voor mij wat onrustige weken aan: ik had mijn eerste stagiaire sinds de start van mijn eigen toko. Ik merkte dat ik het spannend vond. Eigenlijk was ik bang dat ze meer kennis zou hebben dan ik en commentaar zou leveren op het feit dat ik misschien niet alle methodes van A tot Z volgens het protocol uitvoer. Al snel kwam ik er gelukkig achter dat ik zeker wat te vertellen had en werd ik me ook bewust van het wederzijdse leerproces. In de periode van stagebegeleiding reflecteerde ik mijn eigen handelen nog meer. Bewust van het feit dat er iemand meekeek en door een aantal slim gestelde vragen werd ik gestimuleerd om weer even grondig na te denken waarom ik dingen op een bepaalde wijze aanpak. Doordat ik graag wil dat een stagiaire weet dat ik ook maar een mens ben, merkte ik dat ze ook open naar mij was door bijvoorbeeld voorzichtig aan te geven dat mijn SMART-doel niet volledig SMART-geformuleerd was. Je kunt inderdaad van beide kanten leren; je bent immers met andere bagage grootgebracht. Gelukkig is mijn zelfvertrouwen ook een tikje gegroeid. Ik realiseerde me opnieuw dat ik de afgelopen jaren gigantisch veel heb bijgeleerd en een enorme rugzak heb gebouwd waar ik oefeningen uit kan toveren! De tijdsinvestering van het begeleiden van een stagiaire was het me zeker waard. Ik gaf wat goeds, maar zette mezelf ook weer op scherp: ik durfde kwetsbaar te zijn en extra open te staan voor verandering en verbetering. Stagebegeleiding levert naast KP-punten ook de nodige karmapunten op. Voor mij is het leeraspect ervan een interne bijscholing waar ik graag in de trein met iemand over zou praten!

2015-10 Logopedie Column Hanneke Bax

logopedie leven lang leren hanneke bax column

Getagged , , ,

Creatief brein

Deze column verscheen in het blad ‘Logopedie’ van de Nederlandse Vereniging voor Logopedie en Foniatrie. 

Hoe zit dat nou bij mandarijntjes? Heeft een groot mandarijntje meer vitamines dan een klein mandarijntje of heeft een mandarijnenboom evenveel vitamines te verdelen per mandarijntje en zitten er dus in een groot mandarijntje evenveel vitamines als in een klein mandarijntje?
Wellicht denkt u, bij het lezen van deze vraag, dat deze vraag gesteld is door een kind. Ook als ik het zelf voor het eerst zou lezen zou ik dat denken, maar ik was er toch echt zelf bij toen deze vraag uit mijn eigen mond floepte in de pauze van een belangrijke vergadering toen ik zo’n klein oranje ding aan het pellen was. Iedereen moest lachen, maar niemand wist het antwoord.
Het is niet de eerste keer dat ik dit soort vragen in mijn hoofd heb. Zo heb ik me lange tijd afgevraagd of het waar zou zijn dat bij elke trein die vertrekt er iemand is die hem gemist heeft.

Ook van cliënten hoor ik regelmatig wonderlijke vragen of leuke conclusies. Toen ik nog veel met kinderen werkte schreef ik ze op, maar inmiddels is dat boekje ergens in de kast beland. Jammer eigenlijk, want ook volwassenen kunnen er wat van! Zo vroeg laatst iemand naar de naam van de spier waar we aan werkten. Ik antwoordde dat de desbetreffende spier ‘musculus mentalis’ genoemd wordt. De cliënt antwoordde: “ohhh, de musculus mentalis? Betekent dit dat het mentaal is?” Ik was er zelf niet op gekomen, maar het woord is mooi geanalyseerd! Zo ook een uitspraak van  mijn Spaanse vriend toen we in Brussel op een terrasje zaten en ik een café au lait bestelde. Verwonderd keek hij mij aan en vroeg: “what is a café olé?” Hoe Spaans wil je de koffie hebben?

Soms borrelen er op logopedisch gebied ook interessante vraagstukken op en fantaseer ik hoe die mogelijk tot geweldig onderzoek zouden kunnen leiden. Bijvoorbeeld of stemstoornissen meer voorkomen in culturen waarin men gemiddeld gezien luider praat. Of dat het gebit van mensen die talen spreken met interdentale klanken anders is dan dat van Nederlands sprekenden. Een interdentale klank wordt in het Nederlands immers als afwijkend gezien.
Wanneer ik dit soort vragen ventileer, word ik regelmatig raar aangekeken en wordt me gezegd dat dat weer zo’n typische Hanneke-gedachte is. Een vriendin van me zei: “Hanne, het lijkt soms wel of je van een andere planeet komt, want je komt altijd weer met een bijzondere invalshoek.” Ik besloot aan een professional te vragen of mijn brein van het afwijkende type is. Ze antwoordde lachend dat ik me geen zorgen hoef te maken en dat dit gewoon trekjes zijn van een creatief brein.

Gelukkig bleek ik niet de enige op de wereld te zijn. Het valt me ook steeds meer op dat wetenschappers over een creatief brein beschikken. Ik hoorde laatst iemand die samen met taalkundigen onderzoekt hoe een specifieke vogelsoort haar liedje leert, welke liedjes er zijn en in hoeverre ze liedjes van een andere vogelsoort over kunnen nemen. Geweldig toch?! En wat dacht je van bizarre wetenschappelijke experimenten? Uitvinders en baanbrekende wetenschappers onderscheiden zich juist door buiten de geëigende paden te durven denken.

Een tijd geleden zag ik een tekening online van een Amerikaanse logopedist die het brein van een logopedist ontleedt. We zijn multitaskexperts, opvoeddeskundigen, planningsdeskundigen, woordnerds en creatieve genieën. Hoewel ik van multitasken met name erg gestrest raak, denk ik wel dat ik over de structuur van het logopedistenbrein beschik. Vanaf nu hoef ik me bij mandarijnachtige vragen dus niet meer af te vragen of er een steekje los zit. Ik ben gewoon een logopedist!

Creatief brein

Column Creatief Brein. Klik hier om het te lezen!

Klik hier: column 2015-7

 

Getagged , , , ,

Voorzichtig met voorzichtigheid

Deze column verscheen in het blad ‘Logopedie’ van de Nederlandse Vereniging voor Logopedie en Foniatrie. 

Een vlotte jonge meid komt bij mij in de praktijk met een beginnende vorm van recidiverende noduli. Ze vertelt: “Ik ben zó voorzichtig geweest en heb zelfs al drie jaar niet meer gezongen!” Hoewel ik al luisterend naar haar stem slechts een miniatuurafwijking hoor, bestempelt ze haar stemgeluid als afschuwelijk en ze geeft aan dat spreken soms pijnlijk is. Uiteindelijk blijkt dat haar vorige behandelaar heeft aangestuurd op ‘voorzichtigheid’ met de stem. Hoewel ik alle vertrouwen heb in de juiste gedachtegang over belasting en belastbaarheid bij de stem als fragiel instrument, ben ik niet voor ‘voorzichtigheid’.

Voorzichtigheid geeft voor mij het signaal: “pas op!” Het alarmsysteem in mijn brein wordt geactiveerd en ik moet alert zijn op alles wat er mis kan gaan. Is het niet zo dat je juist iets omstoot wanneer je voorzichtig iets moet pakken? Zoekend in mijn etymologisch woordenboek zie ik dat het woord ‘voorzichtig’ komt van ‘vooruitziend’ of ‘scherpzinnig’. Dus toch een soort verscherping van alertheid (= vorm van stress) om ervoor te zorgen dat er niets naars gebeurt.

In de praktijk zie ik mensen die voorzichtig zijn gaan spreken vanwege stemklachten. Het gros merkt hierbij dat de klachten niet afnemen. Als ik hun fonatie observeer, zie en hoor ik juist door het voorzichtig spreken veel spanning. Wanneer ik ze bijvoorbeeld laat resoneren, voelen ze dat het geluid veel gemakkelijker stroomt dan bij het voorzichtig spreken.

Ik vraag er verder naar bij Simone Gouw, psychosomatisch fysiotherapeut bij het Academie Instituut in Utrecht en onderzoeker bij het RadboudUMC. Zij geeft aan te herkennen wat ik haar voorleg. Als therapeut kun je ervan uitgaan dat de gemiddelde patiënt passief is in zijn coping, gevoed door de ziektepercepties die hij of zij heeft. Dit leidt er dus vaak toe dat de patiënt uit zichzelf al ‘voorzichtig’ gaat doen. Als therapeut moet juist activeren, uitleg geven en geruststellen. Angst en bezorgdheid zitten immers in onze genen.

Een tijdje terug behandelde ik een acteur voor heesheid en globusklachten, omdat hij een zomer lang voor een voorstelling heftig had moeten blaffen. Hij had gezocht naar een logopedist met theaterervaring, omdat hij meer wilde dan stemhygiënische adviezen en ‘voorzichtig’ moeten doen, anders kon hij zijn vak als acteur dan wel vergeten. Na een periode van ontspanning en herstel heb ik hem gezond leren blaffen, waarbij je juist voorzichtigheid moet loslaten om het strottenhoofd vrij te kunnen laten bewegen. Hetzelfde geldt voor hardere en hoge klanken, zoals belten. Vanuit onze logopedische achtergrond leerden we ooit dat dit slecht is voor de stem en het wordt ook vaak als geknepen en risicovol omschreven. Terwijl ‘voorzichtig belten’ uiteindelijk het gevaarlijkst voor de stem is. Goed belten is niet slecht.

Het advies voorzichtig te moeten zijn krijgt ook een ander podiumbeest al jaren te horen. Door een verdikking op haar stembanden heeft deze professionele zangeres jaren op religieuze wijze alle mogelijke stemghygiënische adviezen toegepast. Tijdens het operatief verwijderen van deze verdikkingen bleek er een laag bindweefsel onder te zitten. Hierdoor trilden haar stemplooien helemáál niet meer vloeiend en bleef ze met een gehandicapte stem zitten. Ze is lange tijd nog bang geweest voor iedere belasting van haar stem. Gelukkig gaat ze stapje bij beetje vooruit. Toen we samen een KNO-arts voor een second opinion bezochten, kwam het verlossende woord: het stembandbeeld is stabiel! Ze mag alles doen!  Weg met de voorzichtigheid! Ze mag zingen! Ze mag belten! Ze mag optreden! Hoewel haar stem in de basis slechter is dan voor de operatie is deze stabiel en kan ze stiekem langzaam weer genieten van haar stem en: ZE MAG HET UITROEPEN!

voorzichtig met voorzichtigheid column hanneke bax

In mei verscheen de column ‘voorzichtig met voorzichtigheid’ in het vakblad voor logopedisten. Hier te downloaden!

Klik hier: column 2015-05

Getagged , , , , , ,

“ Te koop! Ik ben te koop!”

Zojuist ontving ik een berichtje op de facebookpagina van mijn bedrijf.  Het bericht was afkomstig van dagenvanhetjaar.nl om me te attenderen op het feit dat het ‘Europese dag van de logopedie’ is en ik dus mooi aandacht kan besteden aan mijn vakgebied. Het heeft me over de streep getrokken om deze kans te grijpen en een column te publiceren die ik een week geleden begon te schrijven.

“ Te koop! Ik ben te koop!”

Jezelf verkopen klinkt snel in mijn oren als een soort red light district achtige activiteit. Toch is het onmisbaar in de praktijk en verkoop je een product in plaats van jezelf ;).

Over het algemeen staan logopedisten er om bekend dat het stukje promotie een lastig aspect is. Vroeger was er een verbod op het maken van reclame in de (para)medische sector. Nu staat profileren als belangrijk punt op het lijstje. Ik vraag me af of uit deze geschiedenisaspecten de licht verlegen houding van ons logopedisten als verkopers vandaan komt. Toch heb ik soms het idee dat de groep fysiotherapeuten minder op hun mondje is gevallen en meer aan promotie activiteiten doet. Ik hoor regelmatig te woorden ´bedreiging voor ons vak´ uit de mond van collegalogopedisten komen. Maarrrr…..Bedreigingen creëren kansen! Als je er maar in gelooft!

Dat ik geloof in de wonderen en magie van mijn vakgebied, heb ik al eerder laten weten in mijn column Goed Gestemd de Luxe. Toch vond ik het bij het starten van mijn eigen praktijk doodeng: reclame maken. Het scheelde dat ik al een bedrijfsnaam en website op het gebied van trainingen had en alleen het logopedische kopje toe hoefde te voegen. Bij het maken van de website besloot ik dat ik dingen wilde maken die ík mooi vond en niet alleen wilde kijken naar of zo veel mogelijk mensen het mooi vonden. Misschien eigenwijs, dacht ik, maar later bedacht ik me dat ik op die manier ook de mensen aantrek die bij mijn visie passen. Ik ben geen opschepper. Ik wil niet dat mensen tegen me opkijken of denken dat ik een wondergodin ben, want dan worden de verwachtingen alleen maar te hoog en groeit bij mij de angst om daar niet aan te voldoen. (Uiteindelijk komt het er natuurlijk wel op neer dat ik de hele dag wonderen verricht, maar ik kan niet iedereen helpen, hahaha.)

In het begin had ik constant het gevoel dat ik mezelf opdrong wanneer ik aan het netwerken was. Inmiddels weet ik dat het helpt om de instelling te hebben dat ik juist iets te bieden heb! Ik schuif giechelend mijn visitekaartje in iemands handen en krijg geef met een rood hoofd een flyer, wanneer iemand daar om vraagt. Gek is dat, hè?! Ik zie een enorm aantal mensen per week die ik blij de deur uitstuur, maar vind het een drempel om dit aan te prijzen.

Nu vond ik het tijd voor een experiment op dit gebied. Ik heb gekeken naar een commerciële verkooptekst en heb het naar mijn situatie omgevormd om te kijken wat het met me doet. Hier het resultaat:

“De Baxmethode © is een revolutionaire stemmethode. De methode, ontwikkeld door Hanneke Bax, is ontstaan uit het praktisch werken met stemcliënten gedurende 6 jaar. De Baxmethode is geïnspireerd op een basis van klassieke logopedische methodes aangevuld met o.a. EVT, Roy Hart, larynxmanipulatie, Lichtenberg, CVT en theater en met gedachtengoed uit mantrazingen, reiki en het wetenschappelijk onderbouwde en geprezen mindfulness. Maar veruit de meeste input komt vanuit de 6 jaar dat deze methodes in de praktijk getest zijn. Dat heeft geleid tot de nieuwe stemmethode waar menig docent, topartiest of doodgewone huisvrouw zijn of haar voordeel al mee doet.
De methode is simpel. Gebaseerd op principes die al zo oud zijn als de mens kan ademen, praten en zingen. Het gaat uit van slechts 5 ingrediënten: adem (zowel de inademing als de uitadming), stem, taal, articulatie en gehoor. Door die ingrediënten samen te voegen, kan íedereen een geweldige stem krijgen.
In 2015 gaat Hanneke deze stemmethode een plek geven in ademend en stemgevend Nederland. Daarom gaat ze gedurende het hele jaar door met haar logopedische therapie, schrijft ze columns en geeft ze nascholing aan logopedisten!”

Bij het nalezen van de tekst voelde ik ineens een gevoel van trots opkomen: “Wow! Dit is wat ik doe! Wow! Wat heb ik veel te bieden! Ik ben zo trots op mezelf! Misschien ben ik écht wel heel erg super goed!” Hoewel deze trots een kick geeft, voelt het niet als wie ik ben, hahaha.

Vaak werken PR experimenten goed in de bedrijfsvorming. Het maken van een folder of website geeft weer een mooie gelegenheid om je praktijk te evalueren en te verbeteren. Waar ligt je kracht? Wat zeggen anderen over jou? Wat is uniek aan jou en je werkwijze? Waarom is logopedie ook alweer zo belangrijk?

Gelukkig heb ik inmiddels (na 2,5 jaar eigen praktijk) mijn manier en mijn toon gevonden zonder het gevoel te hebben dat ik een commerciële tellsell-verkoopster ben. En dan toch…. Dat duwtje in de rug van de aardige mevrouw van dagenvanhetjaar.nl heeft ervoor gezorgd dat deze column nu online staat.

Communiceren is alles.logopedie Utrecht

Daarom logopedie.

Slaafvrije onderneming?

Toen ik vanochtend mijn flyers aan het verspreiden was, kwam ik onder andere bij een leuke koffietent terecht. Ik vroeg netjes of het goed was dat ik daar wat flyers zou achterlaten. De eigenaar zei: “Ja, natuurlijk! Alleen niet als er slavernij aan te pas is gekomen enzo. Dit is wel een fairtrade zaak!” Ik moest lachen en antwoordde: “neehoor, ik ben mijn enige werknemer.”

Mijn praktijk is dus slaafvrij.
Ik doe soms dingen voor weinig geld of vrijwillig, maar word hier gelukkig nooit toe gedwongen. Toch heeft het me aan het denken gezet: hoe vrij ben je nog als zorgverlener? De regels vanuit de zorgverzekeraars worden steeds strenger met betrekking tot contractering, maar er wordt niet méér voor betaald. De afgelopen jaren heeft de Nederlandse Zorgautoriteit onderzoek gedaan naar wat een logopedische behandeling zou moeten kosten. Helaas zijn er zorgverzekeraars die meer dan 20% onder dat tarief bieden. Als zorgverlener wordt dus de optie gegeven: óf een laag tarief ontvangen óf geen contract en daardoor minder of geen klanten van die zorgverzekeraar. Braaf heb ik weer mijn contracten getekend, terwijl ik weet dat ik onderbetaald word.
Daarnaast zijn er nog vele misstanden in de zorg. Zodra ik een huisarts bel om te overleggen over onze patiënt kan de huisarts dit declareren en overleg met derden wordt bij logopedisten niet vergoed. En dan te bedenken dat ik laatst bij de tandarts meer dan twintig euro heb betaald voor een schriftelijke intake (lees: een formuliertje waarop ik zelf aan moest kruisen dat ik gezond ben).

Ben ik dus wel zo’n slaafvrije onderneming?


De reden dat ik logopedist ben geworden is dat ik dolgraag mensen wil helpen die het moeilijk hebben en ik wil de beste kwaliteit bieden die er te bieden valt. Ik wil helemaal niet met dit soort dingen bezig zijn! Dus: tijd voor protest!

Laat je stem horen!

Gegroet! Hanneke

logopedie utrecht

Getagged , , , , , , , ,

Stemmen horen

Afgelopen week gaf ik de laatste les van een module over stemstoornissen aan een groep logopediestudenten in Utrecht. Bij de evaluatie gaven ze aan dat ze soms ‘gek werden’ van het feit dat ze nu constant naar alle stemmen om zich heen luisterden en niet konden stoppen met analyseren. Ik herkende dit erg van tijdens mijn eigen studie. Even rustig om je heen kijken bij de bushalte of in de trein zat er niet meer in, want constant stonden mijn oren op scherp. Hartstikke vermoeiend! Gelukkig kon ik de studenten de verlossende woorden geven: “het gaat vanzelf over”.

Van mijn stempatiënten krijg ik regelmatig dezelfde reacties als van de studenten. Wanneer ze zich meer bewust worden van hun gewoontes, worden ze in eerste instantie niet direct blijer van het feit dat ze nu ineens alles bij zichzelf en bij anderen horen. Gelukkig verdwijnt deze obsessie na een poos. Het hoort bij het proces van het leren:

  1. Onbewust onbekwaam
  2. Bewust onbekwaam
  3. Bewust bekwaam
  4. Onbewust bekwaam

Wanneer ik mensen over mijn vak vertel, krijg ik vaak de vraag of ik nu de hele tijd aan het letten ben op hoe ze praten….. Afgelopen weekend nog: “oh, ben je logopedist? Dan hoor je nu zeker dat ik heel erg achter in mijn keel praat.” Nou… euhm… nee! Ik was tot nu toe eigenlijk aan het opletten wat diegene zei en niet hoe.

Het enige dat ik nu doe is analyseren wat er zo afwijkend klinkt als iets me opvalt. Soms kan dit wel ver gaan, zeker als ik met andere deskundigen naar een stem luister. Laatst was ik met een vriendin/collega naar een liedje aan het luisteren dat ze interessant vond. We hebben als twee enorme nerds ingezoomd en geanalyseerd wat er nou gebeurde. Het gesprek ging ongeveer zo:
Is dit nu een curbing? Of toch meer een like? Of is het een lage positie van het strottenhoofd met stijve stembanden? Of zou het toch een dunne sluiting zijn met een klein beetje gecontroleerde constrictie? Maar daar schakelt ze! Ja, dan hoor je toch duidelijk een creak, of is het creaking?
Na een half uur geconcentreerd geluisterd, teruggespoeld, herhaald en geïmiteerd te hebben, moesten we hard lachen en kwamen we tot de conclusie dat dit voor een leek enorm rare gesprekken zouden lijken.stem luisteren

Gelukkig zit ik dan in een bepaalde focus die heus niet altijd mogelijk is. Wanneer ik nu nog reacties krijg als dat ik vast de hele tijd aan het opletten ben, zal ik zeggen: “ik hoor alleen dat je onzin praat!”

Geniet van de zon!

Groet
Hanneke

Getagged , , , , , , ,

LALAfobie

Het verbaasde me in het begin heel erg toen ik professionele zangers en zangeressen hoorde spreken over hun plankenkoorts. Van knoop in de maag tot kokhalsneigingen en van het overslaan van de stem tot het vergeten van tekst. Er is in het algemeen veel onbegrip in deze gevallen en er wordt vaak gezegd dat men zich er maar overheen moet zetten. Als professioneel zanger weet je toch wel dat je het kunt? Maarja… weten dat je het kunt…. zo simpel is het niet…. Er is zelfs bij het Leids Universitair Medisch Centrum een muziekpoli voor musici met psychische klachten als podiumvrees.

Hoe wordt podiumvrees veroorzaakt? angst, plankenkoorts
In de hersenen bevinden zich de amygdalae. Deze structuren zorgen voor de regulatie van angst. Wanneer je in een situatie komt, analyseren de amygdalae onbewust de situatie en beoordelen: ben ik veilig of ben ik onveilig? Het functioneert dus als een alarmsysteem. Dit is in acute noodsituaties heel handig om te kunnen overleven (vechten, vluchten of bevriezen). Een lichte mate van stress laat ons alerter zijn (gezonde zenuwen), maar op de een of andere manier is bij mensen met plankenkoorts ‘het podium’ onnodig in het rijtje van extreem onveilige situaties terecht gekomen. Het lichaam reageert in paniektoestand door bijvoorbeeld verandering in je adempatroon, verhoogde spierspanning rond je keel, trillen van de spieren, alertheid, omhooggaande hartslag, vergeten van de tekst (een vorm van bevriezen). Kortom: allemaal dingen die we op het podium niet kunnen gebruiken!

Gelukkig hoeft podiumvrees en spreekangst niet altijd in dat onveilige rijtje te blijven staan. Middels het opsporen van negatieve gedachtes rondom het spreken of zingen voor een groep en het omzetten in helpende gedachtes kunnen die ongezonde zenuwen richting de gezonde spanning gebracht worden. Ook het detecteren van en leren omgaan met de spanning (dus niet steeds het gevecht aan gaan met jezelf) zijn stappen om dit te bewerkstelligen. Daarnaast is het versterken van je stemtechniek een middel om zekerder te zijn over je eigen prestatie.

In de praktijk zie ik ook regelmatig mensen met spreekangst, ook wel glossofobie of lalofobie genoemd. Dit zijn heus niet altijd mensen die voor grote groepen hoeven te staan. Soms zijn het mensen die al moeite hebben met het zeggen van hun naam of het nemen van de beurt bij een gesprek met collega’s. Je kunt je voorstellen wat de gevolgen zijn voor het sociale leven en stresshantering in het algemeen. Eigenlijk worden plankenkoorts en spreekangst vanuit hetzelfde systeem veroorzaakt en zo is ook de behandeling of coaching ervan vergelijkbaar.

Een paar maanden geleden zat ik om de tafel met een zangcoach en een GZ-psychologe. We spraken over podiumangst en auditievrees en het leek ons geweldig om vanuit onze drie disciplines meer inzicht te krijgen in dit fenomeen. Vanuit brainstormen en verdiepen, hebben we besloten deze kennis te bundelen en er ook anderen mee te willen helpen. De ontwikkeling van een workshop is in volle gang en op 18 juni hebben we pilot gepland staan in Utrecht! Er zijn nog plekken!hanneke

Ik ben gezegend, denk ik, met een leven zonder spreekangst en podiumvrees. Nouja, volledig zonder ook weer niet. Ik kan heel onzeker zijn en natuurlijk maak ik me ook wel eens druk om een gesprek of optreden of sta ik uit zenuwen te ratelen voor een groep, maar ik word al zo lang ik me kan herinneren liever voor een grote groep gezet dan dat ik een tentamen moest maken. Doordat ik in dat laatste geval van tevoren geen hap door mijn keel kreeg en trillend en kotsmisselijk op de fiets naar de hogeschool zat, kan ik me wel voorstellen hoe het is om angstgevoelens op een podium te hebben. Het fijne van een tentamen was, dat ik gewoon even diep kon zuchten en mezelf kon temmen wanneer de spanning te hoog op liep. Dat gaat voor een groep net een beetje minder makkelijk….

Goed Weekend!
Hanneke

Getagged , , , , , , , , ,

Stemmen tussen de oren

Een Deense natuurkundige had een hoefijzer boven de deur van zijn werkkamer hangen. Op een dag kreeg hij de vraag of hij, als wetenschapper, nu echt geloofde dat dit hem geluk bracht. Hij antwoordde: “Nee, maar ik heb gehoord dat het ook werkt als je er niet in gelooft.”

Ik moest lachen toen ik deze anekdote vanochtend hoorde en ik dacht aan het verhaal dat een vriendin me vertelde. Ze was verkouden en had daar naar eigen zeggen geen tijd voor. Ze ging naar de apotheek en zei aan te balie: “ik ben verkouden en heb hier geen tijd voor, dus wat voor medicijnen kan ik gebruiken om dit tegen te gaan?”. De apothekersassistent antwoordde: “nou, ziek worden houd je niet erg tegen. Er zijn wel wat homeopathische middelen, maar hiervan is de werking nooit wetenschappelijk aangetoond en kan het dus het placebo-effect zijn”. Daarop antwoorde ze: “geef me die maar! Placebo’s werken altijd heel goed bij mij!”

Ik vond dat zo’n puur en eerlijk antwoord! Zelf zou ik haar adviseren eens wat beter voor zichzelf te zorgen, en hoewel ik aanhanger van de ziek-is-ziek-filosofie ben, weet ik ook dat het nooit uitkomt en helemáál niet wanneer je een deadline hebt. Soms ben je snipverkouden en overleef je het wel en de andere keer voel je je bij de kleinste snotneus onhandelbaar en depressief.
De uitdrukking ‘tussen de oren’ heeft in de loop der jaren een heel negatieve bijklank gekregen, maar ik denk wel dat een groot deel van ons leed vanuit hier te verklaren is.

Waar komt pijn vandaan? En wat heb je nodig om je beter te voelen? Hier een interessant filmpje hierover:

Pijn is dus voor een groot deel uit het brein! Aha… tussen de oren!

Bij stemklachten zie ik ook dat de beleving een heel belangrijke rol speelt. Soms zie ik als buitenstaander na weken behandeling een enorm grote verbetering in het stemgeluid en spierspanning, terwijl de cliënt zelf maar blijft klagen over dat er niks is verandert. Andersom zie ik het ook: ik zie weinig vooruitgang, maar de ander geeft aan dat het stukken beter gaat. Eerst kon ik daarin blijven hangen en was constant bezig met analyseren waarom bij de een wel en de ander niet, maar steeds vaker accepteer ik dat de beleving soms verschillend is.

Zo ook met oefeningen. Ik geloof niet dat er één oefening is die bij iedereen helpt. Het blijft altijd zoeken naar een stemmethode of zangmethode die bij de persoon past. De één leert door te voelen, de ander door te luisteren en weer een ander door theoretisch inzicht.
De oefeningen lijken soms gek, zeker wanneer ik met associaties werk. Wanneer ik zeg: “doe die strot eens omlaag”, ben ik niet naar iedereen duidelijk genoeg, dus na een partijtje gapen kan ik het men laten ervaren. Wat werkt dat werkt!
Regelmatig komen mensen cynisch binnen en zeggen: “ik ben door de kno-arts naar logopedie gestuurd, maar ik geloof niet dat ik hier op mijn plek ben”. “Dat zullen we nog weleens zien”, denk ik dan. En gaandeweg komen ze er achter dat er toch een hoop oefeningen helpen om de klachten te verminderen.

Het nieuwe motto: goed gestemd als je er zelf maar in gelooft…. of niet natuurlijk ;)

Getagged , , , , , ,
Advertenties
%d bloggers liken dit: